Na de feestdagen in Italië

Na de feestdagen doen Italianen opvallend weinig — en precies dát is de essentie.

Geen reset.
Geen “nieuw begin”.
Maar een zachte overgang.

De tafel blijft nog even gedekt. Restjes worden niet gezien als ‘over’, maar als iets om opnieuw te gebruiken. Soepen, groenten van gisteren, brood dat nog net kan — niets wordt verspild.

Het tempo zakt. Geen grote plannen, geen haast. Scholen starten rustig, dorpen zijn stiller. Een wandeling door het dorp, een koffie aan de bar, even langs familie.

Met Epifania, op 6 januari, sluit de feestperiode pas echt af. “L’Epifania tutte le feste porta via.”

Tot die tijd loopt het leven gewoon door.

In Italië voelt het nieuwe jaar pas echt als het gevierd kan worden. Niet op een vast moment, niet omdat de kalender het zegt. Maar wanneer er weer ruimte is — om samen te komen, om aan tafel te zitten, om het leven weer te laten gebeuren. Zo begint het jaar hier niet met een knal, maar met aandacht, herhaling en rust. Zo voelt begin januari in Italië.

Misschien is dat wat ons telkens weer raakt aan Italië. Niet de grootse momenten, maar hoe het gewone leven wordt gedragen. Ook aan het begin van een nieuw jaar.

Bij Capodanno (Nieuwjaar) in Italië luiden ze het nieuwe jaar in met Italiaanse bubbels (Prosecco, Spumante) in plaats van champagne, vaak samen met tradities als het eten van linzen (geld), rode lingerie (liefde), en cotechino (worst) met zampone (gevulde varkenspoot) voor overvloed en geluk, 12 druiven voor elke maand één voor voorspoed en financieel geluk Het is een mix van bijgeloof en feest, met een focus op lokale producten en welvaart voor het nieuwe jaar. 

Niet als regels, maar als rituelen. Zo voelt begin januari in Italië — na de feestdagen.

— Ispirato dall’Italia